Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid
Portefeuillehouders: Hilbert Bredemeijer, Co Engberts en Mariëlle Vavier
Doelstelling op hoofdlijnen
Wij willen dat iedereen in Den Haag een gelijke startpositie heeft. Er zijn nog te veel inwoners die te maken hebben met uitsluiting, discriminatie en (gezondheids)achterstanden, dan wel onvoldoende kunnen deelnemen aan de samenleving cq het sociale leven. Programma 8 richt zich op de meeste kwetsbaren in de Haagse samenleving. Dit doet het college met de juiste inzet via de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo), sociale basis en emancipatie, jeugdzorg, het welzijnsbeleid en volksgezondheid.
Bedragen x € 1.000 | ||||||||||
Rekening 2024 | Begroting 2025 voor wijziging | Begroting 2025 na wijziging | Rekening 2025 | Resultaat 2025 | ||||||
Lasten | 810.268 | 732.485 | 898.319 | 874.562 | 23.757 | V | ||||
Baten | 167.706 | 84.299 | 171.766 | 175.042 | 3.276 | V | ||||
Saldo exclusief reserves | 642.562 | N | 648.186 | N | 726.553 | N | 699.520 | N | 27.033 | V |
Toevoegingen aan reserves | 21.807 | 324 | 25.092 | 25.092 | 0 | V | ||||
Onttrekkingen aan reserves | 13.104 | 10.583 | 23.483 | 7.225 | 16.258 | N | ||||
Saldo inclusief reserves | 651.265 | N | 637.927 | N | 728.162 | N | 717.386 | N | 10.776 | V |
Financiële verantwoording op hoofdlijnen
(incl. toevoegingen en onttrekkingen, bedragen x € 1.000) | ||||||||
Begroting | Rekening 2025 | Resultaat | ||||||
Activiteiten in 2025 | saldo 2025 | Lasten | Baten | Saldo | 2025 | |||
Sociale basis | 46.745 | N | 51.305 | 6.715 | 44.591 | N | 2.154 | V |
Bescherming jeugd en gezin en Maatschappelijke opvang | 141.715 | N | 186.547 | 34.793 | 151.754 | N | 10.039 | N |
Gespecialiseerde zorg en ondersteuning | 192.524 | N | 187.833 | 1.813 | 186.020 | N | 6.504 | V |
Jeugdhulp | 294.034 | N | 289.933 | 2.699 | 287.234 | N | 6.800 | V |
Volksgezondheid | 55.575 | N | 123.850 | 68.250 | 55.599 | N | 24 | N |
Opgave Nieuwkomers | 2.431 | V | 60.185 | 67.997 | 7.812 | V | 5.381 | V |
Totaal | 728.162 | N | 899.653 | 182.267 | 717.386 | N | 10.776 | V |
Toelichting op financiële resultaat van het programma;
Dit programma heeft in 2025 een per saldo voordelig resultaat van afgerond € 10,8 mln. Het huidige resultaat tot stand gekomen door verschillende voordelige en nadelige resultaten.
Sociale basis: € 2,2 mln. V
Het voordeel wordt voor 1,1 mln. veroorzaakt doordat de kosten voor onderhoud van panden lager zijn uitgevallen. Op participatie en informele hulp is ca € 1.1 mln. voordeel ontstaan door onvoldoende uitvoeringscapaciteit bij zowel de gemeente als samenwerkingspartners, waardoor de uitvoering van activiteiten is achtergebleven bij de planning.
Bescherming jeugd en gezin en Maatschappelijke opvang: € 10,0 mln. N
Maatschappelijke opvang - € 5,3 mln. N
Op het onderdeel Maatschappelijk Opvang is een nadeel ontstaan van € 5,3. Dit komt door de toenemende dakloosheid. De voornaamste redenen zijn de stijgende kosten van hotelopvang, nieuwe locaties in eigen beheer (o.a. de winteropvang) en inzet voor sociaal beheer op locaties. De toestroom naar de gezinsopvang is groot en de doorstroom naar (huur)woningen minimaal. Veel gezinnen worden opgevangen in hotelmatige voorzieningen, die zorgen voor een aanzienlijke stijging van de uitgaven voor de Maatschappelijke Opvang, veelal bekostigd vanuit incidentele middelen. De toepassing van de nieuwe richtlijn bleek in 2025 nog onvoldoende effect te hebben op de instroom en doorstroom van gezinnen.
Wmo – € 4,8 mln. N
- Nadeel van € 3,3 mln. bij de maatwerkarrangementen Beschermd wonen doordat het aantal MO klanten met alleen een indicatie dagbesteding en/of begeleiding hoger was dan waar in de begroting van uit is gegaan (€ 1,3 mln.). Tevens zijn hogere kosten gerealiseerd dan begroot vanuit indicaties toegekend (met name begeleiding) met terugwerkende kracht en vanuit maatwerkopdrachten buitenregionaal.
- Nadeel van € 1,5 mln. bij de maatwerkarrangementen Maatschappelijke opvang o.a. doordat het aantal MO klanten met alleen een indicatie dagbesteding en/of begeleiding hoger was dan waar in de begroting van uit is gegaan.
Gespecialiseerde zorg en ondersteuning (WMO) - € 6,5 mln. V:
Op de Wmo blijft per saldo op de verschillende onderdelen € 6,5 mln. over. Dit valt uiteen in:
- Voordeel van € 3,5mln. bij de Wmo-voorzieningen (Maatwerkvoorzieningen), Huishoudelijke hulp, Begeleiding en Dagbesteding).
· Voordeel van € 24 mln. bij toegang Wijkteams en toegang Beschermd wonen.
· Voordeel van € 0,7 mln. bij PGB (WMO).
· Nadeel van € 0,1 mln. op Coördinatie en beleid
Jeugdhulp: € 4,9 mln. V/I
Het gerealiseerde voordeel op Jeugdhulp van € 6,8 mln. geeft een vertekend beeld. Het voordeel op de uitvoering van Jeugdbeleid is € 4,8 mln. (in lijn met de prognose in de NJN). Daarnaast is er een voordeel van 1,9 mln., waar tegenover een nadeel voor hetzelfde bedrag is gerealiseerd bij de activiteit Nieuwkomers (zie de w-vraag ‘wat heeft het gekost’ bij Jeugdhulp en Nieuwkomers voor een uitgebreide toelichting).
Voor een goed begrip van dit resultaat is belangrijk dat dit resultaat inclusief de extra inzet is van € 24 mln. bij de begrotingsbehandeling 2026-2029. Het onderliggend tekort is daarom € 19,1 mln. Het tekort op Jeugd komt niet onverwacht want:
- Jeugd is een open-einde-regeling.
- Er is voor Jeugd een aantal wettelijke verwijzers die jeugdzorg toewijzen die de gemeente daarna verplicht moet leveren.
- Het Rijk heeft bezuinigingen vanuit de Hervormingsagenda ingeboekt, terwijl maatregelen nog niet uitgewerkt zijn. De beperking van de reikwijdte, vorm te geven door het Rijk, is hierin de belangrijkste maatregel die naar verwachting in de loop van 2026 uitgewerkt is. Tot dan hebben gemeenten onvoldoende mogelijkheden om gevraagde lichte onnodige hulp of niet bewezen effectieve hulp te weigeren.
- Door het Rijk is geen volumegroeicompensatie toegekend in de jaren tot en met 2025.
- Op advies van de commissie Van Ark heeft het Rijk uitgaande van het tekort van de gemeenten in 2024 de gemeenten vanaf 2025 structureel voor de helft van het tekort gecompenseerd zodat de gemeenten de andere helft van het tekort moeten oplossen.
Nieuwkomers: € 5,3 mln. V/I
Voor de opvang van Oekraïners ontvangt de gemeente van het Rijk een standaard vergoeding per dag, die in 2023 hoger was dan de door de gemeente gerealiseerde kosten. Eerder is een voorlopig voordeel toegevoegd aan de reserve Nieuwkomers. Bij de afrekening met het Rijk over 2023 is gebleken dat het voordeel hoger is dan het eerder aan de reserve toegevoegde bedrag. Dit bedrag valt in de jaarrekening vrij aan het resultaat voor een bedrag van € 7,2 mln.. Daarnaast is er een tekort van € 1,9 mln. gekoppeld aan het overschot bij Jeugd.
Toelichting op neutrale ontwikkelingen;
· Nieuwkomers:
Bij de activiteit Nieuwkomers zijn 12 miljoen minder baten (vergoeding rijk) en lasten (gemaakte opvangkosten) gerealiseerd dan begroot. Dit komt omdat het niet gelukt is om het volledige aantal opvangplekken (taakstelling) uit de spreidingswet te realiseren. Financieel is dit effect neutraal omdat de lagere kosten (minder plekken) ook ‘automatisch’ leiden tot een lagere vergoeding door het Rijk.
· Specifieke Uitkeringen activiteit Volksgezondheid
Onder de activiteit Volksgezondheid zijn er verschillende Specifieke uitkeringen die om verschillende redenen zorgen voor een neutraal voordeel van € 2,4 mln. op de lasten en een nadeel van € 2,4 mln. op de baten.
Toelichting op majeure afwijkingen ten opzichte van de uitkomst van vorig jaar;
· In 2025 is het totaal aan lasten ongeveer € 66,1 mln. hoger dan in 2024. De grootste verschillen hierin zijn:
o Jeugd (€ 20,0 mln. meer): Bijna € 15 mln. van de lastenstijging is veroorzaakt door de prijsstijging. Daarnaast zijn er een aantal grote posten optellend tot circa € 20 mln. zoals de dotatie aan de reserve risicobuffer jeugd van 12,8 mln., toerekening in 2024 van lasten aan andere middelen zoals HPA en Spuk’s en incidentele voordelige afloopverschillen in 2024. Dit leidt tot zo’n 35 mln. hogere lasten ten opzichte van 2024 waar een kostendaling van € 15 mln. van de verstrekte jeugdhulp tegenover staat onder andere door de frictiekosten HTP en minder regionale jeugdhulp.
o Maatschappelijke opvang (€ 11,0 mln. meer): Door de toenemende problematiek rondom dakloosheid moeten meer kosten worden gemaakt voor vaste opvanglocaties, de winteropvang en de hotelopvang.
o Trendmatige prijsstijging: Een deel van de hogere lasten heeft te maken met stijgende prijzen voor lonen en goederen en diensten. Het is ingewikkeld om daar een exact bedrag voor te benoemen, maar in de begroting zijn we hiervoor voor circa € 25 mln. gecompenseerd.
